Volgens de inzichten van Netwerk Praktijkbedrijven kan de methaanuitstoot (enterische emissie uit de koe) significant worden verlaagd door de kwaliteit van het ruwvoer te optimaliseren en het management van de grasopname aan te passen. Een hoge kwaliteit ruwvoer leidt tot een betere vertering, waardoor de koe minder methaan produceert per kilo droge stof.
De belangrijkste maatregelen in de ruwvoerwinning en rantsoensamenstelling zijn:
- Meer vers gras in het rantsoen (Weidegang): Vers gras heeft een lagere emissiefactor voor methaan per kg droge stof in vergelijking met graskuil. Door slim beweidingsmanagement (een goed weideplan) de grasopname te verhogen en de koeien langer in de wei te laten, daalt de methaanuitstoot.
- Hogere kwaliteit gras/kuil: Het maaien van gras op het juiste moment (jonger gras) zorgt voor een hogere voederwaarde en betere verteerbaarheid. Beter verteerbaar voer betekent dat de pensfermentatie efficiënter verloopt, wat de methaanproductie per kg melk vermindert.
- Optimaliseren van het inkuilproces: Door het gebruik van toevoegmiddelen in de vorm van melkzuur(inkuilmiddelen) kan de kwaliteit van de kuil worden verbeterd. Door op tijd te maaien kan het ADF-gehalte (celwanden) worden verlaagd, wat bijdraagt aan een lagere methaanuitstoot.
- Verhogen van de voerefficiëntie: Door structuurrijk maar goed verteerbaar gras te oogsten, wordt de pensfermentatie geoptimaliseerd.
Bovaer en Silvair voor verlaging CO2 beschikbaar via ABZ Diervoeding
Nieuw is de mogelijkheid van het gebruik van additieven om de broeikasgasemissie te verlagen. Er zijn twee voeradditieven die geregistreerd zijn voor verlaging van methaanemissie vanuit de pens.
- Dit is de Bovaer van DSM (3-Nitrooxypropanol), die bijna een derde deel van de methaanemissie kan reduceren. Het product is nog niet op grote schaal commercieel beschikbaar, maar wordt wel voor ABZ Diervoeding klanten beschikbaar gesteld voor veehouders die meedoen met pilotprojecten met hun melkverwerker.
- Ook Silvair (calciumammoniumnitraat) is beschikbaar als product om methaan te reduceren (9%). Deze is wel commercieel beschikbaar, echter de huidige beloningen verlaging carbonemmissie van melk wegen nog niet op tegen de kosten voor de reductie van CO2 door middel van dit product.
Resultaten in de praktijk
Uit metingen op de bedrijven binnen het Netwerk Praktijkbedrijven blijkt dat door een integrale aanpak — waarbij de focus ligt op een hoge ruwvoerkwaliteit en weidegang, de methaanemissie kan worden gereduceerd. Deze maatregelen verlagen niet alleen de methaanuitstoot, maar verbeteren vaak ook de stikstofefficiëntie en verlagen de voerkosten door minder aankoop van eiwit.
Voorheen was het NDF-gehalte in een graskuil bepalend voor de hoogte van de methaanproductie bij melkkoeien. Hoe hoger het NDF-gehalte hoe hoger de EF (Emissie Factor voor methaan).
Door praktijkonderzoek is er tot een ander inzicht gekomen. Er zijn nu 4 parameters welke de emissie factor voor methaan beïnvloeden:
In het najaar van 2025 introduceerde Eurofins Agro een nieuwe parameter op het verslag van het Voederwaardeonderzoek: de Methaan Index. Methaan is op dit moment nog minder zichtbaar. Het zit letterlijk in de pens van de koe en komt eruit zonder dat je het ziet. Dat maakt het lastig te koppelen aan je bedrijfsresultaat. Toch is methaan verantwoordelijk voor zo’n 60% van de totale CO2 uitstoot op een melkveebedrijf. Het heeft dus een enorme impact. Daarom is het belangrijk dat veehouders meer inzicht krijgen. En dat begint met meten.
Rekenen met CO2-emmissie in uw rantsoen
Steeds meer melkveehouders zijn bezig met de CO2-voetafdruk van hun bedrijf gestimuleerd en/ of beloond door hun melkverwerker. Het is goed voor u om te weten dat wij daar helemaal op zijn ingespeeld. Door allerlei managementkeuzes kunt u de CO2-voetafdruk beïnvloeden. Jonger maaien kan een keuze zijn. Maar er zijn veel meer keuzes te maken!.
Vraag uw rundveespecialist naar de mogelijkheden om op uw bedrijf de CO2-footprint te verlagen door middel van uw rantsoen. Zij helpen u graag!
Contact team rundvee >


