Organische stof heeft vele belangrijke functies in de bodem en bepaalt de bodemvruchtbaarheid. Organische stof verbetert de structuur en doorlatendheid, verhoogt het vochtvasthoudend vermogen, houdt mineralen vast (CEC), stimuleert bodemleven en geeft weerbaarheid aan allerlei ziektes en gebreken.
Maïsteelt
Door maïs te telen holt het effectieve organische stofpercentage met grote sprongen achteruit. Dit kan in de bouwvoor (25 cm) zomaar 3.000 kg per hectare zijn. Daarom is het belangrijk om deze afbraak en aanvoer op peil te houden. Dit noemen wij de organische stof balans.
Wat is het doel van een groenbemester?
Een groenbemester heeft een aantal functies die de bodem en het volggewas ten goede komen.
1. Aanvulling organische stof. Samen met gewas resten en organische mest blijft de organische stofbalans op peil. Het is daarbij wel belangrijk dat het gewas van de groenbemester op het land blijft.
2. De ‘rest’ mineralen worden opgenomen door de groenbemester en spoelen in de winterperiode niet uit. Deze mineralen komen weer beschikbaar voor het volggewas.
3. De wortels zorgen voor structuur in de bodem. Belangrijk in verband met waterafvoer in de winter.
4. Het bodemleven wordt gestimuleerd en neemt toe.
5. Bij een nat voorjaar is de grond eerder droog, omdat het gewas vocht vraagt.
Een groenbemester is bedoeld om op het land te blijven, maar in tijden van ruwvoerkrapte is het verleidelijk om hem af te maaien en naar huis te halen. De bovenstaande voordelen halveren dan.
Wanneer is welke groenbemester aan te bevelen?
Een grasgroenbemester heeft na de maïsteelt de hoogste waarde. Gras neemt namelijk de meeste mineralen op en zorgt voor de hoogste organische stofaanvulling. De meest gebruikte soorten zijn Westerwolds- en Italiaans raaigras. Westerwolds raaigras heeft het voordeel dat het iets sneller kiemt en ook in het voorjaar eerder gaat groeien. Zijn wintervastheid is een fractie minder als Italiaans raaigras. Deze ‘fractie’ kan in sommige jaren wel het verschil maken.
Denk aan nachtvorst. Verder zijn beide grassoorten identiek en op het oog kun je geen verschil zien. Wanneer het al bijna zeker is dat u de groenbemester gaat oogsten, en misschien wel voor meerdere snedes, is het een overweging om een Engels raaigras groenbemester te zaaien. Engels raaigras kan eventueel ook nog een jaar langer blijven staan, omdat de wintervastheid beter is. Dit type is wat duurder dan Westerwolds-/ Italiaans raaigras, maar blijft met de prijs nog ver onder de blijvend grasland mengsels.
Stikstofgebruiksnorm
De norm voor maïs is inclusief de norm van de daarop aansluitend geteelde groenbemesters. De normen voor groenbemesters gelden dus niet wanneer deze aansluiten op mais.
Gras als vanggewas
Heeft u de keuze gemaakt om gras in te zetten als vanggewas en gebruikt u dit als veevoer door het te maaien of te beweiden? Dan valt dit onder de definitie van grasland. Laat u het gras staan van 15 april tot en met 15 oktober? Dan rekent u met de stikstofgebruiksnorm voor tijdelijk grasland. Wilt u het vanggewas na 1 februari vervangen door een ander gewas? Dan houdt u zich aan de regels voor grasland scheuren. Indien het gras niet ingezet wordt als veevoer, zijn deze regels niet van toepassing.
Binnen GLB Eco-activiteit Groenbedekking
Let op! Voor eventuele GLB Eco-activiteit gelden andere regels dan op de stikstofgebruiksnorm.
Grondbedekking
• Uw perceel is van 1 januari tot 1 maart voor minimaal 80% zichtbaar bedekt met een gewas. Dit doet u met het vanggewas of de groenbemester die u in 2024 heeft laten staan.
• U mag in die periode ook alleen pleksgewijs op maximaal 10% van het perceel gewasbeschermingsmiddelen of biociden gebruiken.
• U werkt het vanggewas onder met machines voor de hoofdteelt.
• U mag het vanggewas voor het onderwerken niet doodspuiten of branden. Het gewas mag wel doodvriezen.
Onderzaai vanggewas
• Direct na de oogst van de hoofdteelt is uw perceel zichtbaar bedekt met het vanggewas. Dit vanggewas is een ander gewas dan de hoofd teelt.
• U laat het vanggewas tot minimaal 1 december staan.
• Het perceel is minimaal 80% zichtbaar bedekt.
• U mag geen chemische gewasbeschermingsmiddelen gebruiken na de oogst van het hoofdgewas.
Conclusie
U kunt een groenbemester telen waarmee u landbouwkundig de voordelen voor uw bodem behaalt, voldoet aan een vanggewas en kunt meetellen voor de Eco-activiteit groenbedekking binnen GLB. De wet- en regelgeving op dit gebied is onderhevig aan veranderingen.
Voor bedrijfsspecifieke vragen kunt u contact opnemen met uw rundveespecialist of één van onze Plant & Teelt specialisten. Zij helpen u graag!
